Amsterdams Kleinkunstfestival doet Groningen aan

In de voetsporen van Wim Sonneveld

Door Maarten Kolsloot

GRONINGEN – Erris van Ginkel, Reineke Jonker en Ronny Hofenboom zijn nu nog onbekende namen in de kleinkunstwereld, maar daar kan snel verandering in komen. De drie artiesten strijden mee in de halve finale van het Wim Sonneveldconcours, onderdeel van het Amsterdams Kleinkunstfestival (AKF). Eerdere winnaars waren Thomas Acda, Maarten van Roozendaal en de Vliegende Panters. Donderdag speelden drie van de zes halve finalisten een try-out in Groningen.

Evert de Vries is oprichter en artistiek leider van het AKF. Hij leert de deelnemers aan het concours een rode draad in hun programma’s aan te brengen en hoe ze met een stil publiek om moeten gaan. De instructies van De Vries kwamen Reineke Jonker donderdagavond goed van pas. Haar zang, dans en mimespel beroerden het publiek niet: de zaal bleef angstvallig stil.

Jonker relativeert: “Bij mijn optreden in Arnhem ging het dak eraf en lagen de mensen onder de stoelen van het lachen. Ergens maak ik mij niet druk om humor, ik hoef niet per se grappig te zijn.” De Vries roemt Jonkers theatergevoel en heeft een verklaring voor de stilte: “Je voelde dat dit een damespubliek was. Mannen treden meer naar buiten toe. Vrouwen zijn voorzichtiger, bescheidener in hun reacties.”

Erris van Ginkel treedt op in een helblauw ‘Gordon pak’ en krijgt het publiek wel in beweging. Vanzelfsprekend vindt hij dat niet: “Iedereen komt in een dip. Soms denk ik: waarom speel ik? Dan komt het even niet in me op waarom het zo leuk is. Het gaat allemaal om ‘het gevoel van de avond’ en dat kun je niet zomaar oproepen.”

De avond wordt afgesloten door de Belg Ronny Hofenboom. In het dagelijks leven slager in Dendermonde, maar voor een gulle lach uitgeweken naar Nederland: “In Vlaanderen zijn er wel humorwedstrijden maar daar gooien ze mime, cabaret en stand-up-comedy op een hoop.” Spelen in Nederland is volgens Hofenboom anders dan spelen in België:  “In Nederland krijg ik veel sneller antwoord van het publiek. Vlamingen kijken anoniemer, ze voelen zich geviseerd, en blijven liever in de anonieme donkerte.”

 

 

 

 

Leave a Reply