BBC’s Panorama: “Taking on the Taliban: The soldier’s story”
Verslaggever Ben Anderson trok met het Britse leger op in Afghanistan. “Taking on the Taliban: The soldier’s story”, is het indringende verslag van een levensgevaarlijke ‘opbouwmissie’. Een opbouwmissie waarbij verdacht veel geschoten wordt en die misschien een goede spiegel is voor Nederlandse politici.
Korporaal Jack Mizon is een van de hoofdpersonen in de documentaire. Mizon treurt over het verlies van een vriend, strijd in de verzengende hitte en filosofeert over de manke vergelijking tussen hem en een Talibanstrijder die gelooft dat zijn dood met tientallen maagden wordt beloond: “As soon as I die I am going back to Tottenham.”
Het leven van de militairen is intens en waardig in beeld gebracht. Of is het bewust uit beeld laten van een door een aanval verstoorde Afghaanse familie en door de hitte bevangen soldaten een vorm van censuur? Wat wel in beeld komt zijn de vuurgevechten, de tactische overwegingen in de strijd en de wel erg losse strijdmethoden van het Afghaanse leger. Een van de Afghanen kijkt nonchalant op als een kogel op korte afstand van zijn hoofd afketst op een geweer. Dekking zoeken lijkt hij pas na die waarschuwing te overwegen.
Het geluid van geweervuur en de uitputting van een zware militaire strijd zijn het meest in beeld. Een veel kleinere rol is weggelegd voor het opbouwwerk. Nu is de vraag: welk beeld ligt dichterbij de waarheid? De vrolijke (voeg al naar gelang ‘Nederlandse’ toe) hoogwaardigheidsbekleders die glimlachend een nieuwe school/ waterput/ akker bekijken of de harde realiteit van de militaire strijd.
Tegen die achtergrond speelt natuurlijk de vraag hoe de vooruitzichten zijn. Kunnen de coalitietroepen ‘winnen’ en kunnen ze de Afghanen een mooie toekomst bieden? Een paar pijnlijke feiten: twintig procent van de Afghaanse militairen deserteert, het aantal zelfmoordaanslagen is verzevenvoudigd en er zijn de afgelopen tijd honderden gevechten met de Taliban gevoerd waarbij de Taliban doorvecht tot de laatste strijder sterft.
Aan opbouwwerk komen de Britten te weinig toe. Zoals Anderson het goed samenvat: “Ze gingen voor de vrede en niet om een oorlog te voeren.”