De wijk rond RFK stadium in Washington verandert voor even in een replica van de Londense volksbuurt Tottenham vlak voor een belangrijke voetbalwedstrijd. Uit het metrostation ‘Stadium-Armory’ stromen duizenden voetbalsupporters in het oranje van Houston Dynamo of het donkerblauw van Boston’s New England Revolution de brede stoepen op. Waar bezoekende supporters in Noord Londen rekening houden met de gevreesde slogan ‘it is a long walk from Seven Sisters (metrostation, red.)’, hoeven de fans hier niets te vrezen: vreedzaam lopen zij naast elkaar.
Binnen tekent de flauwe herfstzon een ovalen lichtvlek op de tribunes. Het immense stadion is met 39.859 toeschouwers ruim gevuld. Achter de doelen doemen enorme muren op: op zonnige zomerdagen knalde hier de honkballen over de omheining. Voor de fanatieke supporters rest niets anders dan een plekje aan de lange zijde van het veld. Opmerkelijk genoeg worden ze daar van elkaar gescheiden door een groep fans van D.C. United, het team dat haar thuiswedstrijden in RFK stadium speelt.
Deze ‘Screaming Eagles’ manen burgemeester Fenty door middel van spandoeken D.C United voor de stad te behouden en roepen de bezoekers op tot het tekenen van een petitie tegen zijn handelswijze. Fenty schortte onlangs de besprekingen over een nieuw stadion op. De plek waar gebouwd zou worden kan misschien tegen een gunstiger prijs van de hand worden gedaan. In dat geval zou de club mogelijk uit de stad moeten verhuizen.
Ongewenst is de verhuizing uit het gedateerde RFK overigens niet. De dakspanten van het 46 jaar oude stadion roesten en de krakende kuipzitjes lijken zo uit een ouderwetse zweefmolen geschroefd. De tribunes staan ver van het veld en de hoge tribunes achter de doelen benadrukken de rol van de honkballende huisgenoten.
De fans van Houston en New England vermaken zich deze middag overigens goed en slagen er aardig in om boven het lawaai van de ‘Screaming Eagles’ uit te komen. Duizenden hossende supporters zwaaien met vlaggen en zingen liederen die met een beetje goede wil op de gezangen van Europese fans lijken. Ook de neutrale toeschouwer leeft mee. Gemiste kansen worden van oe’s en a’s voorzien en de drie goals door een klaterend applaus begeleid.
Voetbal in Amerika is niet langer een sport van verdwaalde hippies. De MLS doet er alles aan om het voetbal in de VS aan een groter publiek te presenteren. De competitie breidt volgend jaar verder uit, sterren als Beckham en Gullit zijn in ieder geval goed voor het imago van de league en veel teams hoeven niet meer in de afgedankte stadions van hun grote honk- en footballbroers te spelen, maar bewonen moderne voetbalstadions.
De Amerikaanse saus van chauvinisme gegarneerd met een goed geconserveerd gevoel voor show doet het bij deze finale ook heel aardig. Een uur lang verschijnen alle hoogtepunten van het afgelopen seizoen op het scorebord begeleidt door stemmige klassieke muziek. Vlak voor de aftrap wordt het volkslied gezongen – door een Amerikaanse Ernst Daniël Smid – en is er vuurwerk. Als de laatste noten van de ‘star sprangled banner’ klinken, scheren twee straaljagers over het stadion.
Je zou bijna denken dat de spelers in zo’n decor weinig meer verkeerd kunnen doen. Dat blijkt niet zo te zijn. De negentig minuten hotse-knotse-begonia-voetbal die volgen zijn weliswaar zeer vermakelijk, maar zelden van hoog niveau. New England’s keeper Matt Reis steelt in de eerste helft de show met zijn nonchalante optreden. Zo weet hij in de 4e minuut een makkelijke bal nog tot een nieuwe kans te promoveren. Als Dwayne de Rosario in de 74e minuut tussen twee verdedigers vrij mag inkoppen, gaat Reis als een stramme heer naar de hoek. De doelman is zeker geen speler die zijn ploeg de cup kan bezorgen. Rosario’s goal is overigens de 2-1 en de winnende goal.
Kansen zijn er gelukkig genoeg. Die komen vaak voort uit het merkwaardige tactische concept dat beide teams hanteren. De vleugels van het speelveld worden volledig vrijgelaten en de vleugelverdedigers laten de vleugelspelers het liefst zo ver mogelijk naar binnen komen. De vleugelspeler zet vervolgens voor waarna het overschot aan centrumverdedigers zo wordt uitgebuit dat de spitsen van de tegenpartij talloze opgelegde mogelijkheden krijgen.
De beste man van het veld is dan ook niet een speler, maar de scheidsrechter. Nieuwe stadions, glimmende sterren en springende fans vormen een mooi decor, maar de spelers zijn nog niet klaar voor de hoofdrol in het MLS theater.
Is het niet zo dat alle infrastructuur aan die zijde van de plas, toe is aan vernieuwing?
Waar geen stuk over die vrouw van 10 min? Dat voetbal is zo Europees.
Leuk stuk, veel plezier daar!