VS/ Democratische voorverkiezingen: De wondere wereld van de politieke reclamespot
Wednesday, December 26th, 2007De reclamespot speelt een cruciale rol in de Amerikaanse verkiezingen. In Iowa en New Hampshire krijgen de kiezers nog uitgebreid de kans om de kandidaten persoonlijk te ontmoeten, maar de andere 48 staten moeten het met minder doen. Misschien gaat het niet te ver om te zeggen dat de Amerikaanse politiek draait om televisiespotjes van 30 seconden. Een kijkje op het Democratische kanaal.
Op maat gesneden
De spots zijn op maat gesneden. Ieder onderwerp een andere spot, als de campagnekas tenminste groot genoeg is. Barack Obama besteedde tot nu toe 6 miljoen dollar aan spotjes. En dat alleen in Iowa. Sommige spots zijn zeer traditioneel, anderen frivool, aanvallend of soms zelfs grappig. De kernvraag: wat zoekt de kiezer?
Hebben de Amerikanen een “sterke hand nodig”? Joe Biden rijkt die hand. In een filmpje met zwart-wit beelden van een voor de gelegenheid niet vermoeid ogende Joe benadrukt hij zijn ervaring en leiderschapskwaliteiten. Beelden van een in zijn donkere fauteuil achterover hangende Biden – de handen devoot gevouwen – lijken rechtstreeks uit een maffiafilm geknipt. Al Capone gaat de wereld redden.
Chris Dodd pakt het traditioneler aan. Hij kijkt recht in de camera. Donker pak, groene das en een modern kapsel. Tegen een donker decor spreekt de Senator uit Connecticut zijn kiezers direct aan. “I am not a first lady, or a celebrity…” Maar: “I am ready to be President.” Hij sluit af met een guitige blik die vlak voor het einde van het filmpje overgaat in een ernstige uitdrukking. Het Presidentschap is voor Dodd geen geintje.
Populist Edwards
John Edwards richt zich in meerdere spotjes op de “gierigheid” van grote bedrijven. Hij spreekt de hardwerkende Amerikaan aan met de woorden en beelden van een ervaren populist. Zo vertelt de “Maytag” spot over het sluiten van de gelijknamige fabriek die 1800 Iowanen hun baan kostte. Een gevaar voor de Amerikaanse droom die in deze spot door plattelandshuizen, plattelandskinderen, de Amerikaanse vlag en vrolijke gezinnen wordt gesymboliseerd. Een stem op Edwards is een stem in de strijd tegen de belangen van lobbyisten en grote bedrijven. Die maken Amerika kapot. Edwards zal ze stoppen.
Gouverneur Bill Richardson (New-Mexico) probeert zich te profileren als een steunpilaar voor de ‘gewone’ man, iemand die durft om het establishment een schop onder de kont te geven. In een katoenen hemd en in een landelijk decor praat hij over zijn strategie voor Iraq. Hij is de enige kandidaat die geen troepen in Iraq achterlaat. Een andere spot belicht Richardson’s prestaties als gouverneur. Richardson is de man die het onderwijssysteem in New-Mexico hervormde. Hij betreedt een zuilengalerij omgeven door formeel geklede mensen. Met zijn beste lach schuift hij bij een groep scholieren aan. Richardson is dé man om het onderwijs in de VS te hervormen. Stem Richardson.
Hillary en Obama: big spenders
Hillary Clinton heeft spots die over de gezondheidszorg, de middenklasse, haar moeder, haar familiewaarden en haar ervaring gaan. Hillary is ervaren en klaar om te leiden luidt de boodschap. Voor wie het na haar gelikte spots nog niet weet zijn er de PAC’s: Political Action Committees. Deze organisaties zijn officieel onafhankelijk van de campagnes, maar steunen de kandidaten wel actief. Zo zendt AFSCME – vakbond voor ambtenaren en medewerkers in de gezondheidszorg – spotjes uit waarin een klein kind door een veld met kerstbomen rent. “Hoe zal zij opgroeien?”, vraagt een donkere stem zich af. Voor de vraag wordt beantwoord, biedt de spot een weg naar de oplossing: “Caucus for Hillary.”
Barack Obama laat zijn roep om “change” van het scherm springen. De meest opzwepende spot is samengesteld uit zijn toespraak tijdens het Jefferson Jackson dinner in september. Op deze grote bijeenkomst in de Democratische race gaf Obama misschien wel zijn meest aansprekende toespraak tot nu toe. De video wordt afgewisseld met quotes uit kranten en tijdschriften en afgesloten met de goedkeuring van Obama zelf. Obama biedt de kiezers “hoop” en “verandering waar we in geloven.” Zou dit sprookje wel waar zijn?