Turkse mannen met dikke buiken snellen over de Admiraal de Ruijterweg. Ze rennen niet, maar vliegen als volleerde snelwandelaars over de stoepen. Turkse vlaggen om schouders of middel geknoopt. Ongeacht leeftijd, de jongsten wrijven de slaap uit hun ogen, of kijken in trance om zich heen. Jonge stellen kussen. Verliefd. Op Turkije.
Op het verkeer let niemand. Dat staat toch stil. Mercedes, Volkswagen en Fiat. Iedereen in de rij. Die laatste een stuk minder dan de eerste. Scooters zigzaggen tussen de toeterende auto’s door. Flitsende Vespa’s en een enkele rammelende Thomos. Sophie slingert haar opoe-fiets tussen de rij door.
Alle voertuigen tot op de laatste zitplaats gevuld. Dat is maar beter ook: na de overwinning op Tsjechië werden snelwegafritten afgesloten voor Turkse bestuurders. Nu lacht iedereen. Een enkeling gilt. “Türkiye!”
In de Jan Evertsenstraat is het nog drukker. Tientallen. Honderden. Op stoep, fietspad en op de rijweg. De auto’s staan hopeloos stil.
Het Mercatorplein is van de Turken. Rode slierten vuurwerkrook drijven door de lucht. Vanaf het schuin oplopende platform bij de Hoofdweg kijken we over het plein. Twintig Turken dansen in een grote kring een rondje. Een man in het midden, de anderen gearmd eromheen. Een groepje mannen draagt enorme Turkse vlaggen het plein op. Gejoel stijgt op.
We kijken verbaasd. Wilders in paniek? Ankara aan de Amstel. Spontaan en gezellig.
“Is de integratie nu gelukt?”, vraag Sophie.
No Comments