Op zoek naar een ruwe honkbaldiamant in Amsterdam

Tijdens het WK honkbal staat de jacht op de wereldtitel centraal. De aanwezige scouts van Amerikaanse profclubs hebben daar geen oog voor, zij zijn op jacht naar een ruwe honkbaldiamant. De jonge pitcher Scott Ronnenbergh (17) van de Pirates staat bij onder meer de New York Yankees op het verlanglijstje

Bewerkte versie verschenen in Het Parool maandag 28 september 2009
 
Bij sommige wedstrijden zijn ze op het eerste gezicht talrijker aanwezig dan de toeschouwers. Scouts. Diep weggedoken in windjacks tegen de vaak snijdende herfstwind noteren ze de kracht en snelheid van spelers in donkere mappen die in donkere koffertjes verdwijnen. Gesprekken tussen scouts vinden op gedempte toon plaats,  als in een ontmoeting tussen agenten van de CIA. “Hoe oud is hij.” Korte stilte, met zachte stem vervolgt een collega, “27.” Met zachtere stem. “Ik heb hier 29 staan.” Reactie na een korte pauze: “Ik denk dat het 27 is.” “Zoek ik op.” “Het is 27.” “OK.” Dat is positief: een jonge speler kan langer mee. Het gesprek stokt en wordt pas geanimeerd bij een ander onderwerp. Eten. Een oudere scout met bril, handen nonchalant in zijn windjack, somt moeiteloos de beste restaurants op in de landen die hij bezocht. Talloze andere restaurants volgen. Over goede sushi restaurants wordt langer en zonder remmingen gesproken dan over honkballers.
 
Rick Jacques, scout voor de Philadelphia Phillies in Afrika en Europa, moet lachen om de vergelijking tussen zijn collega’s en geheimagenten, maar vervolgt serieus: “We zijn net spionnen. Allemaal op zoek naar hetzelfde. De andere scouts beschouw ik als vrienden, maar over honkbal hebben we het slechts oppervlakkig. Er zijn scouts die de ‘scouts scouten’ en op zoek gaan naar de mening van anderen om een eigen oordeel te bevestigen. Ik doe dat niet. Mijn baas zegt: vertrouw op je eigen oordeel, daar betalen we je voor.”
 
Als de Cubaan Lazo in een op het eerste gezicht reeds besliste wedstrijd tegen Nicaragua de heuvel betreedt, komen de laser guns tevoorschijn. Handzame zwarte kastjes die de scouts op de heuvel richten en waarmee de snelheid wordt gemeten. Zo rond de 87 mijl per uur voor de Cubaan. Een korte aantekening volgt, na een paar worpen verdwijnen de snelheidsmeters. Poppetje gezien, kastje dicht. Hoewel de Cubaanse spelers niet beschikbaar zijn voor een contract in Amerika willen de scouts toch alles weten. Jacques: “Mochten ze beschikbaar komen doordat ze het team verlaten dan weten we wat we aan ze hebben. Van deze sterke Cubanen kunnen er zo tien in de Major League aan de slag.”
 
In de schaduw van de wedstrijd tussen Nicaragua en Spanje beklimt op een aangrenzend veld de 17-jarige Scott Ronnenbergh de heuvel. De ranke, maar sterk ogende linkshandige Ronnenbergh is een van de ruwe diamanten in Europa, begeerd door meerdere teams uit de Major League. Eerder werd een door de Chicago Cubs aangeboden tekenbonus van 100.000 dollar afgeslagen. Wellicht hebben Ronnenbergh en zijn familie de jonge Duitser Max Kepler Rosicky (16) in gedachten. Onlangs kreeg de veldspeler 775.000 dollar tekengeld van de Minnesota Twins.
 
Twee scouts van de New York Yankees kijken toe terwijl Ronnenbergh met 87 mijl per uur op de catcher vuurt. Komeethard voor een 17-jarige. De scouts zien het in hem zitten en dat terwijl ze hem toevallig op het spoor kwamen. Ronnenberghs moeder vertelde in het clubhuis van de Pirates enthousiast over de twaalf strike-outs die haar zoon in zes innings gooide en dat wilden de Yankees’ wel eens met eigen ogen zien.
 
Maar zij zijn niet de enigen. Rick Jacques zegt het niet, maar ook hij is voor het talent van de Pirate gevallen. Een paar dagen na het WK onderwerpt hij Ronnenbergh eveneens aan een test. Zelfs Jacques’ baas is speciaal uit Amerika overgevlogen en ook hij is tevreden. De ruwe diamant is gevonden. Ronnenbergh, die heeft nog geen beslissing genomen. Zescijferige tekenbonussen, het is een hoop geld voor de scholier uit 5-havo, maar hoeveel, tja, dat weet hij eigenlijk ook niet: “100.000 dollar, dat zijn heel veel playstations.” Zijn familie heeft er meer zicht op: eerst de geheimagenten eens tegen elkaar laten opbieden, dan komen die playstations vanzelf.

Leave a Reply