Archive for the ‘Column’ Category

Frank Vandenbroucke, benen als scheermessen en God die dood is

dinsdag, oktober 13th, 2009

“God is terug”, stond er op de Vlaamse wegen geschreven. “God” was Frank Vandenbroucke, het troetelkind van de Belgische wielerfans, het zeldzame talent dat soms leek te vliegen, maar vaak nog harder op de grond terecht kwam. Als hij weer eens terugkeerde in het peloton wapperden de fans met grote vlaggen en kalkten ze zijn naam in dikke blokletters op de straten. Soms stond er simpelweg niet meer dan “God is terug”. (more…)

Piepen, kastje, muur

woensdag, oktober 7th, 2009

Piepen. Normaal iets voor kuikens, of een uitdrukking om aan te geven dat iemand onterecht zeurt. Vandaag een klusje voor de koolstofmonoxidemeter (scrabble).

De vrouw van de antikraakbeweging had het nog zo gezegd: “wel ophangen dat kastje, anders kun je zomaar een keer niet meer wakker worden.” Zo gezegd, zo gedaan. Met twee schroeven het kastje aan de muur bevestigd. Wat een enorm irritant gepiep kwam daar uit. Erg was het niet: dit test-piepje ging vanzelf over. (more…)

De bloemetjes buiten zetten

maandag, augustus 10th, 2009

Een avondje stappen in de “Mile High City”, Denver. Het enige ongekreukte hemd uit de tas gehaald, spijkerbroek aan, ondanks de stomende hitte, en de sportschoenen voor suède stappers ingeruild. Niet op gerekend: de conservatieve geesten in een moderne stad. (more…)

Van Wembley naar Upton Park in 90 minuten

maandag, mei 11th, 2009

Engeland=voetbal, voetbal=Engeland. Nu ik zes dagen in de week aan de County Elections in Hertfordshire werk, vormen de zaterdagen een welkome afwisseling. Iedere week een reis naar een “Home of Football”. Vandaag: van Wembley naar Upton Park in 90 minuten.

Stevenage Borough heeft zojuist van York City gewonnen. De ‘FA Carlsblerg Trophy’, de beker voor teams die niet in de eerste vier afdelingen van de Britse profliga spelen, mag met de ploeg uit de vijfde divisie mee naar huis. Beelden van duizenden uitzinnige supporters bereiken me niet. De impressie van het grote stadion, een sfeerloze betonnen bak die gemakkelijk voor ieder ander immens stadion door kan gaan, lijkt verdwenen. Op het moment dat de scheidsrechter fluit ben ik al weg, op naar Upton Park, thuishaven van West Ham United. (more…)

Tottenham Hotspur – West Bromwich Albion Kebab, bier en een doelpunt te weinig

maandag, mei 4th, 2009

De onderhoudsplanner van de London Underground moet hebben gelachen. Waarom? Spurs-fans die vanuit het centrum naar Noord-Londen reizen kunnen vandaag  niet direct naar Seven Sisters (wegens onderhoudswerkzaamheden is het metrostation dat het dichtst bij stadion White Hart Lane ligt, gesloten), maar moeten via Finsbury Park reizen. Het eerste dat supporters zien als ze het station verlaten? Een bordje dat verwijst naar het stadion van aartsrivaal Arsenal.

Een jongen in een wit Spurs-shirt heeft het misschien niet gezien, hij heeft alleen oog voor de wil van zijn vader. Sinds de bus vertrok bij Finsbury Park zeurt hij al om een hamburger en de M die aan de overkant van High Road lonkt is zijn redding. Ook zijn vader krijgt nu behoefte. Vooruit: je krijgt er een, met extra mayonaise. De man neemt zijn zoon bij de hand en snel sprinten ze tussen de rijdende auto’s naar de overkant. (more…)

De Europese en lokale verkiezingen in St. Albans, Engeland

maandag, mei 4th, 2009

De komende weken zet ik me in voor de Liberal Democrats, kortweg Lib Dems, op weg naar de Europese en lokale verkiezingen van 4 juni. Ik houd me met name bezig met de County verkiezingen in Hertfordshire, waarvoor ik in St. Albans verblijf. Zo voer ik onder meer campagne voor Geoff Churchard - gepensioneerd leraar, en samen met zijn vrouw Janet Churchard m’n gastheer - die al zo’n dertig jaar politiek actief is en bij de vorige verkiezingen krap 100 zetels over had op de Conservatieve kandidaat in Sandridge district.

Vanuit London ben je er met een half uur; St. Albans, midden in Hertfordshire, in het Zuid-Oosten van Engeland. In de tijd van de Romeinen kon de stad qua grootte nog met London wedijveren, maar dat is voorbij. Nu wordt St. Albans door haar 65.000 inwoners met name gebruikt om heen en weer naar London te reizen.

De stad is groen en op het eerste gezicht overheerst het goede leven. Veel groene lanen, ruime huizen en een enkele wijk die met name aan Haren doet denken. (more…)

Vervolging Geert Wilders geen zaak van de rechter

dinsdag, februari 3rd, 2009

In Dagblad van het Noorden, zaterdag 31 januari 2009

Het debat rond Geert Wilders wordt oververhit gevoerd. Daarbij verliezen we het zicht op wat er nu eigenlijk gebeurt: een politicus gebruikt stevige taal als middel om politieke doelen na te streven. We kunnen leren van de behandeling die Hans Janmaat ten deel viel.

Geert Wilders en Hans Janmaat vertonen – naast talrijke verschillen – politieke overeenkomsten. Beiden waarschuwen voor de gevaren van de islamitisering en het (over)vol raken van Nederland en beiden pleiten voor afschaffing van artikel 1 van de grondwet. Janmaat noemde islamieten “levensgevaarlijk.” Met oneliners als “vol is vol” en “Nederland voor de Nederlanders” was het pleit beslecht: Janmaat was een rechts-extremist en daar deden politici geen zaken mee. In 1997 werd hij veroordeeld voor de uitspraak “Wij schaffen, zodra we de mogelijkheid en de macht hebben, de multiculturele samenleving af.” Zijn vervolging en veroordeling verkleinden zijn politieke armslag.

Geert Wilders dreigt nu net als Janmaat als rechts-extremist door het leven te gaan. De onderzoekers van de Monitor Racisme & Extremisme concludeerden in december 2008 dat Wilders extreem-rechts kan worden genoemd en mag worden vervolgd. De hysterie rond de vervolging en de stigmatiserende werking die de term rechts-extreem heeft, vertroebelen de kijk op wat Geert Wilders nu eigenlijk is: een fel debatterend politicus die zijn werk doet.

Bij Hans Janmaat werd dat element genegeerd. Dat zijn harde uitspraken een middel in een politieke strijd waren, was onbestaanbaar: het betrof immers een extreem-rechtse leider met zijn foute kale vriendjes.

Die overtuiging was niet ongegrond. Janmaats partijen (van 1980 - 1984 de Centrumpartij en vanaf november 1984 de Centrumdemocraten) trokken “foute” figuren aan. Zo werd de minderhedennota van de Centrumpartij mede geschreven door Wim Bruijn, die in zijn boek Het recht op apartheid waarschuwde voor “de neergang van volken door het ongelimiteerd en ongeselecteerd immigreren van niet-assimileerbare elementen.” De ideologie van de partij was zo aantoonbaar geworteld in een tegen buitenlanders gericht gedachtengoed. De vele neo-nazistische kaalkoppen die bij CP/CD demonstraties de Hitlergroet brachten, lieten weinig aan de verbeelding over. Daarbij deed Janmaat ogenschijnlijk bewust uitspraken die bevolkingsgroepen op basis van ras onderscheidden. Zijn schuimbekkende gelaat hielp niet. Die Janmaat was levensgevaarlijk. De vloedgolf van maatschappelijke verontwaardiging die hem overspoelde verduisterde de elementen van zijn betoog waarin hij het falende minderhedenbeleid aan de kaak stelde.

Anno 2009 baart Janmaats kritiek op de multiculturele samenleving geen opzien meer. Er klinkt verbazing over wat hij niet kon zeggen. Zelfs minister-president Balkenende stelde dat “de multiculturele samenleving niet iets is om naar te streven.” Janmaats uitspraken hadden eerder onze kalme blik verdiend. Ook in de context van de jaren tachtig vormde een fel debat over de multiculturele samenleving geen bedreiging voor onze democratie. Janmaats beweging had angstaanjagende elementen, maar de uitspraken waarin Janmaat niet discrimineerde waren geschikt voor een goed debat in de Tweede Kamer.

Wilders is een vaardiger en veelzijdiger politicus dan Janmaat, omgeeft zich niet met neo-nazi’s, maar wordt toch op de strafbank van extreem-rechts geplaatst. Het stigma van extremist en fascist zal zijn politieke functioneren beïnvloeden. Wilders uitspraken over de in zijn ogen fascistische islam en de de moslim-immigranten worden zo niet in het kader van het debat, maar in het kader van zijn vermeend rechts-extremisme gezien. Met een veroordeling van deze kritiek kan hij minder effectief functioneren. De toevoeging dat het hem niet om individuen, maar om een ideologie gaat, helpt niet. Extreem-rechts = fout. Dat is de halve waarheid. Wilders is een rechts politicus die het debat op stevige toon voert. Zijn uitspraken over de islam passen in zijn politieke doelstelling: de mening van bijna 600.000 kiezers vertegenwoordigen.

De parallel met zijn rol in het WAO debat, eind jaren negentig is verhelderend. Als kersvers kamerlid joeg hij ook toen kamerleden in de gordijnen. Volgens Wilders hadden mensen met psychische klachten geen recht op een WAO uitkering. Hij werd als “radicaal” verketterd. Inmiddels is de wet aangepast en krijgen mensen met psychische klachten veel moeilijker een WAO uitkering. Wilders stevige woorden dienden een doel. Vul voor WAO moslim-extremisme in, zet de klok tien jaar vooruit en de parallellen zijn zichtbaar. De onderwerpen verschillen, de toon is dezelfde. Oftewel: het onderwerp speelt geen rol bij de gekozen toon. Daarbij is overigens niet gezegd dat Wilders voorstellen over de islam in 2019 zijn uitgevoerd.

Een veroordeling door de rechtbank zal het stigma van rechts-extremist dat aan Wilders kleeft alleen maar vergroten. Bijkomend probleem: willekeur. Wat doen we anno 2009 met Wilders partijgenoten en al die andere mensen die vergelijkbare uitspraken doen? We moeten Wilders uitspraken zien als onderdeel van een publiek debat over de multiculturele samenleving waarin stevige uitspraken een goed debat mogelijk maken. Daarbij moeten we er niet voor terugdeinzen om de politieke overtuiging van negen parlementariërs te laten bestrijden door hun 141 gekozen collega’s. Precies zoals dat in een democratie hoort te gaan.

Türkiye!

zondag, juni 22nd, 2008

Turkse mannen met dikke buiken snellen over de Admiraal de Ruijterweg. Ze rennen niet, maar vliegen als volleerde snelwandelaars over de stoepen. Turkse vlaggen om schouders of middel geknoopt. Ongeacht leeftijd, de jongsten wrijven de slaap uit hun ogen, of kijken in trance om zich heen. Jonge stellen kussen. Verliefd. Op Turkije.

Op het verkeer let niemand. Dat staat toch stil. Mercedes, Volkswagen en Fiat. Iedereen in de rij. Die laatste een stuk minder dan de eerste. Scooters zigzaggen tussen de toeterende auto’s door. Flitsende Vespa’s en een enkele rammelende Thomos. Sophie slingert haar opoe-fiets tussen de rij door.

Alle voertuigen tot op de laatste zitplaats gevuld. Dat is maar beter ook: na de overwinning op Tsjechië werden snelwegafritten afgesloten voor Turkse bestuurders. Nu lacht iedereen. Een enkeling gilt. “Türkiye!”

In de Jan Evertsenstraat is het nog drukker. Tientallen. Honderden. Op stoep, fietspad en op de rijweg. De auto’s staan hopeloos stil.

Het Mercatorplein is van de Turken. Rode slierten vuurwerkrook drijven door de lucht. Vanaf het schuin oplopende platform bij de Hoofdweg kijken we over het plein. Twintig Turken dansen in een grote kring een rondje. Een man in het midden, de anderen gearmd eromheen. Een groepje mannen draagt enorme Turkse vlaggen het plein op. Gejoel stijgt op.

We kijken verbaasd. Wilders in paniek? Ankara aan de Amstel. Spontaan en gezellig.

“Is de integratie nu gelukt?”, vraag Sophie.

Lijn 26

maandag, juni 2nd, 2008

De lucht trilt. Mannenzweet gutst over de zitjes van lijn 26. Mijn overbuurman met de kromme neus en de grof geschoren schedel trekt een bovenraampje open. (more…)

Verkiezingen in de broodjeszaak

maandag, maart 10th, 2008

Twee jonge vrouwen in blauwe schorten staren naar de kassala. Klemt. Zonet nog soepel rollend, nu zo vast als een huis. De langste geeft een stevige duw, ondertussen beschermt ze de lange nagels van haar smalle handen met haar ingetrokken vingerkootjes. Vanuit z’n kantoor tegenover de ingang ziet de manager van de broodjeszaak het even aan. Dan staat hij op – z’n kale schedel vlekkerig belicht door de knipperende tl-buis boven de deur – zet zes ferme stappen in de richting van zijn ploeterende werknemers, ramt op de lade, en – o mirakel – de lade opent.

De drie jonge vrouwen voor de balie kijken niet op. Ze praten. Ze lachen. Een struise blondine leunt met haar door vier armbanden omringde arm op het pastelgroene oppervlak. Ze praat niet, ze luistert, ze verheft zich niet, maar leidt door verbale afwezigheid. Haar vriendinnen – korte benen, onder zwarte rokjes, dikke roze kauwgombellen knappend in de lucht – giechelen en draaien van het ene been naar het andere. Hun gesprek waait over en ze draaien zich voorzichtig in de richting van een brede krullenbol die de zaak binnenstapt.

Aan een door broodsnippers bedekt tafeltje bij de achteruitgang staart een jong stel de zaak door, in de richting van een groot en plat televisiescherm. Zij kijkt af en toe – schichtig, alsof televisiebeeld een goede vervanger van het ontbrekende gesprek zou kunnen zijn.

Er zijn verkiezingen, maar waar en wanneer? Zij is het alweer vergeten, hij – opkruipende haarlijn, vermoeide ogen en een donker colbert – staart haar aan en sist: weet je dat niet?

John McCain schuift voor de derde keer binnen een half uur door het beeld. Onder zijn imposante gezicht , met de bolle wangen, en de witte haren, loopt een rode nieuwsbalk. John McCain is geen nieuws, maar een lichte afwijking in de nieuwstroom, achterhaald door een nieuwe rode golf. De Republikeinse Senator uit Arizona hangt tussen twee vliegtuigstoelen en haalt verbaal uit naar een reporter. Niemand in de zaak kan het horen, het geluid is uitgezet.

De drie vrouwen bij de kassa besteden er geen aandacht aan. Ze rekenen af – 15,45 – en de blondine gooit het wisselgeld (55 cent) met een soepele polsbeweging in een vierkanten glazen schaaltje.

Ze keren zich om, roepen luid “bye” en dragen blauwe doosjes met broodjes de zaak uit. Mozzarella met Pesto, rauwe ham met mayonaise en een doosje met fruit voor de blonde spriet.

John McCain is weer aan een nieuwe ronde begonnen. De jonge vrouwen laten de deur luid dichtvallen. Buiten klettert de regen op de glinsterende stoep. De verkiezingen zijn nog ver weg.